dinsdag in week 10 door het jaar
Met het evangelie naar de mensen
Tekst overweging: Kris
De eerste lezing brengt ons naar de tijd van koning Achab, in de 9e eeuw vóór Christus. Een zware droogte en hongersnood teisteren het land Israël. De beek waar de profeet Elia verblijft, droogt op en zijn situatie lijkt uitzichtloos te worden. Dan spreekt de Heer tot hem en zendt hem naar Sarefat, een stad buiten Israël. Daar wacht de arme weduwe naar wie de Heer hem heeft gezonden. Zij bezit nog een handvol meel en een beetje olie, net genoeg voor haar zoon en haarzelf. Zij legt zich erbij neer dat haar laatste maaltijd nabij is. Toch vraagt Elia haar eerst iets voor hem te bereiden. Het is een opmerkelijke vraag. Deze vrouw heeft zelf nauwelijks genoeg om te overleven. Toch luistert zij naar het woord dat God haar door de profeet laat horen. Zij deelt wat zij heeft. Vanaf dat ogenblik raakt de meelpot niet leeg en raakt de oliekruik niet uitgeput. God toont zich als Degene die voor zijn mensen zorgt.
Dit verhaal vertelt meer dan een wonder uit een ver verleden. Het laat zien hoe God zijn profeet naar de rand van de samenleving zendt. Elia kiest deze weduwe niet zelf uit. Hij wordt naar haar toe gestuurd. De ontmoeting ontstaat omdat God het initiatief neemt. Daarin mogen wij ook iets herkennen van de zending van de Kerk. Paus Franciscus heeft vaak gesproken over een Kerk die naar de periferieën moet trekken, naar de plaatsen waar mensen kwetsbaar zijn, waar armoede en eenzaamheid aanwezig zijn. Die beweging vloeit niet alleen voort uit medemenselijkheid of sociale bewogenheid. Zij wortelt in Gods eigen verlangen om de armen nabij te zijn.
De Kerk is gezonden om vriendschap te sluiten met armen en kwetsbaren, zoals paus Franciscus dat vaak sterk verwoordde. Zij wordt gezonden om hun waardigheid te erkennen en hun lasten mee te dragen. Vandaag wordt terecht veel nadruk gelegd op de zorg voor wie kwetsbaar is. Toch mag de Kerk hun het evangelie niet onthouden. Armen zijn niet alleen geroepen om Gods liefde te ontvangen, maar ook om erop te antwoorden. Ook zij zijn geroepen tot geloof en naastenliefde. Ook zij zijn geroepen tot een leven van gemeenschap en verbondenheid, leerling van Christus te worden en hun leven toe te vertrouwen aan Gods liefde, om die liefde vervolgens te delen met anderen. We zien dit bij de weduwe uit de eerste lezing van vandaag. Haar kleine daad van vrijgevigheid wordt een plaats waar Gods zegen zichtbaar wordt. In ieder mensenleven kan Gods genade vrucht dragen.
In het evangelie van vandaag zegt Jezus tot zijn leerlingen: “Jullie zijn het zout van de aarde. Jullie zijn het licht van de wereld.” In de tijd van Jezus was zout onmisbaar. Het gaf smaak aan voedsel, zoals het ook vandaag nog doet, maar diende vooral om het te bewaren en te beschermen tegen bederf. Licht helpt mensen hun weg te vinden en verdrijft de duisternis. Met deze beelden maakt Jezus duidelijk dat zijn leerlingen een opdracht hebben voor en in de wereld. Zij mogen helpen bewaren wat God in het hart van mensen heeft gelegd: geloof, hoop, liefde, waarheid en barmhartigheid. Tegelijk mogen zij de wereld iets laten proeven van de smaak van het evangelie, van de liefde van God en van het leven dat Christus ons schenkt. Door hun woorden en daden mogen zij licht verspreiden, zodat anderen Gods aanwezigheid kunnen ontdekken en hun weg naar Hem vinden.
Dit sluit mooi aan bij wat paus Leo zei tijdens zijn homilie bij het hoogfeest van Sacramentsdag eergisteren in Madrid. Hij wees erop dat de processie met de monstrans geen herinnering aan vroeger mag blijven. Jezus trekt door de straten en nodigt de Kerk uit om vanuit Hem de straat op te gaan. Christenen, zo zei hij, zijn geroepen zich aan God toe te vertrouwen, zich te geven aan de naaste en aanwezig te zijn in de uitdagingen van deze tijd. De paus sprak over een liefde die zichzelf schenkt en die de ketenen van het egoïsme verbreekt. Dat is precies wat we lezen bij Elia en de arme weduwe. Elia gaat in op Gods oproep en de arme weduwe houdt haar laatste maaltijd niet voor zichzelf. Daardoor wordt zij een teken van Gods overvloed.
God zond Elia naar een arme weduwe. Jezus zendt zijn leerlingen als zout en licht de wereld in. Die zending blijft ook vandaag verdergaan. Mogen wij de mensen die de Heer op onze weg brengt niet alleen nabij zijn, maar hun ook de vreugde van het evangelie aanbieden, zodat zij iets kunnen proeven van Gods liefde en hun weg kunnen vinden in het licht van Christus.
Laten we bidden
Heer Jezus,
zoals U Elia naar de weduwe hebt gezonden,
zo zendt U ook ons.
Geef ons een open hart
voor de mensen die U op onze weg brengt.
Maak ons tot zout van de aarde
en licht voor de wereld,
zodat wij door ons leven
iets laten uitstralen
van de hoop, de liefde
en de vreugde van het evangelie.
Amen.
Geliefde mensen, mogen wij ons laten raken door Gods uitnodiging en met aandacht aanwezig zijn bij de mensen die Hij aan ons toevertrouwt.
Een toegewijde dinsdag,
kris
Om mee op weg te gaan
Hebben wij bij onze zorg voor anderen niet alleen aandacht voor hun noden, maar ook voor hun roeping om deelgenoot te worden van de gemeenschap die God bijeenbrengt?
Ik bewonder dat vrouwtje daar ergens aan de rand. Groot was haar geloof en Godsvertrouwen. Zij was werkelijk een licht voor de wereld en zout der aarde. Hoe toepasselijk op haar is het vers dat ik zojuist las in het morgengebed van mijn brevier: 'Van vader op zoon wordt het voortgezegd: men kan zich op U verlaten' (Jes. 38, 19b).
BeantwoordenVerwijderenWat naíf is voor de wereld is voor God bestraalt worden door Zijn Licht! Helemaal ontdaan zijn van ikzucht ! Zijn Geest van Liefde in ons hart laten werken en zo “Onvoorwaardelijk “ liefhebben! “
BeantwoordenVerwijderenGodsvertrouwen... hoe krachtig toch als een mens zich totaal vertrouwt op God. 'Onvoorwaardelijk je naaste' liefhebben. Geloof, hoop en liefde... de motor van ons bestaan, een batterij die nooit leeg is. Ik heb nog een lange weg te gaan, maar ik wil het meer en meer proberen.
BeantwoordenVerwijderenJa zo is het …vallen in het duister, maar steeds weer “opstaan “.!
BeantwoordenVerwijderen