woensdag in week 17 door het jaar
Mozes daalde de Sinai af, met de twee platen van het verbond bij zich. Hij wist niet dat zijn gezicht glansde doordat hij met de Heer had gesproken. Zo lezen we vandaag uit het boek Exodus. Ik zou met u willen nadenken over de glans die men ziet op het aangezicht wanneer iemand met God heeft gepraat. Als het goed is wenden wij ons met regelmaat tot God in gebed. Dit kan in expliciet gebed, dit kan tijdens een zogenaamd schietgebed, dit kan op de tram of de fiets wanneer we ons hart tot Hem wenden. Telkens wanneer we ons tot Hem richten voeren we eigenlijk een gesprek met Hem. Soms met woorden, dikwijls woordenloos door met ons hart bij Hem te zijn. Eigenlijk zouden deze gebedsmomenten, of momentjes, het hart moeten zijn van ons mens-zijn, van ons christen-zijn. Het zijn momenten van liefde, van openheid, van ontvankelijkheid; momenten van diepe innige vrede. En, lieve mensen, deze vrede (als vrucht van ons gebed, ons spreken met God) zal ons gelaat doen glanzen. Niet erg opvallend, al ...