dinsdag in week 3 van de veertigdagentijd
Van ontvangen vergeving naar vergevingsgezindheid Tekst overweging: Kris De vraag van Petrus houdt ons allemaal bezig: hoe vaak moet ik mijn broer of zuster vergeven wanneer hij of zij mij kwaad doet? Zeven keer? In de ogen van Petrus is dat al royaal. Jezus antwoordt met woorden die elke berekening doorbreken: niet zevenmaal, maar zeventig maal zeven. En dan de gelijkenis. Een koning scheldt een dienaar een onvoorstelbaar grote schuld kwijt. Het gaat om een bedrag dat een mens nooit zou kunnen terugbetalen. De man ontvangt dus een vergeving die alle maat te boven gaat. Wanneer diezelfde dienaar buiten komt, weigert hij een kleine schuld te vergeven aan een mededienaar. Het contrast kan haast niet groter zijn. Het gedrag van die dienaar heeft iets schrijnends: hij leeft van een barmhartigheid die zeer groot is en die hij zelfs in het kleine niet kan doorgeven. Wat Jezus ons leert is dat wie leeft van Gods barmhartigheid geroepen is om ook zelf barmhartig te zijn naar anderen toe. ...