vrijdag in de paasweek
Van verloochening naar zending
Tekst overweging: Kris
Het is een ontroerend beeld: Petrus die zich zonder aarzelen in het water werpt zodra hij Jezus herkent aan de oever. Geen uitleg, geen uitstel – alleen de sprong. Alsof zijn hart al bij de Heer is, nog vóór zijn lichaam het water raakt. Deze man, die Jezus driemaal had verloochend, wordt opnieuw aangesproken, niet met verwijten, maar met nabijheid. Jezus ontvangt hem met brood en vis, met warmte en stilte, met een eenvoudig: “Kom, eet iets.” Aan dat vuur, in die vroege ochtend, groeit het herstel dat met de verrijzenis is begonnen. De band wordt verdiept. De vriendschap wordt bevestigd, het vertrouwen herwonnen. Petrus wordt opnieuw binnengetrokken in zijn roeping.
In de eerste lezing uit Handelingen zien we het gevolg van die ontmoeting: een andere Petrus staat op. Niet de bange, vluchtende man van toen, maar een herboren getuige, vervuld van de heilige Geest. Hij spreekt als getuige: het is “door de Naam van Jezus Christus van Nazaret” dat de genezing gebeurt. In die Naam is de levende aanwezigheid van de Verrezene zelf werkzaam. Petrus wijst niet naar zichzelf. Hij treedt niet op als een soort held, maar eenvoudig als getuige. Zijn verleden houdt hem niet tegen, want het is de Verrezene die zijn toekomst draagt.
Dit raakt het hart van de paasboodschap: vergeving die opricht, leven dat vernieuwt, een roeping die opnieuw wordt toevertrouwd, een zending die groeit. Dat werd de drijfkracht van Petrus’ verdere leven. Hij leeft vanuit een diepe verbondenheid met de Verrezene, die door hem heen werkt. Zo wordt hij tot rots, geroepen om de Kerk te dragen. Petrus is niet gekozen om zijn volmaaktheid. Zijn leven kende breuken en momenten van zwakte. Toch wordt hij toevertrouwd aan een zending die groter is dan hemzelf. De kracht van de Kerk groeit waar mensen zich openen voor genade en zich laten vormen door de levende Heer. Wie struikelt en zich laat oprichten, wordt een levend teken van hoop. Dat was bij Petrus zo – en dat kan bij ieder van ons zo zijn.
Laten we bidden
Heer Jezus,
U roept ons telkens opnieuw,
ook wanneer wij U uit het oog verloren hebben.
Geef ons de moed om naar U toe te gaan,
en de openheid om ons door U te laten vormen.
Maak ons tot getuigen van uw leven,
gedragen door uw Geest.
Amen.
Geliefde mensen, mogen wij ons laten vinden door de Heer die ons leven richting geeft en ons opneemt in zijn zending.
Een mooie vrijdag,
kris
Om mee op weg te gaan
Kunnen wij iets leren van de frisheid van Petrus waarmee hij uit de boot springt naar Jezus toe? Hebben wij de Heer zo lief dat wij naar Hem zouden snellen als wij ons in dezelfde situatie bevonden? Petrus voelde ten diepste dat zijn band met de Heer, na de verloochening, hersteld was. Dat doet de Heer ook bij ons. En dat maakt ons tot frisse mensen, opgestaan in Hem. Moge Pasen gebeuren.
Als je iemand graag ziet, wil je heel graag bij die persoon zijn, altijd als het kon. Ik kan Petrus begrijpen dat hij zo blij is dat Hij Jezus herkent en het inderdaad goed wil maken na de verloochening. Hij gaat ervoor!!! Hij is herboren!!!
BeantwoordenVerwijderenHet is inderdaad Pinksteren die met de gave van de H. Geest alles verandert, zowel in Petrus als in ons. Maar mooi beschrijft Kris al dat in het water springen van Petrus, Zijn Heer tegemoet. Ondanks zijn verloocheningen, houdt hij nog steeds van zijn Heer. Wij ook, hé?
BeantwoordenVerwijderenPetrus doet mij hier denken aan "wie niet wordt als een kind.."
BeantwoordenVerwijderen