Sint-Jozef
PIJN EN KRACHT IN MARIA EN JOZEF
(Bij Lc 2,41-51a)
Familiedrama’s spelen zich in de hele wereld af, maar je zou niet zo snel op de gedachte komen dat dit in het kleine gezinnetje van Jozef, Maria met Jezus, ook zou kunnen gebeuren!
Vader of moeder zijnde, zou je je wezenloos schrikken als je drie dagen lang moest zoeken naar je kind. Maria en Jozef waren vast overstuur, nadat ze ontdekten dat Jezus niet teruggekomen was van hun pelgrimage naar Jeruzalem. Wat is er met Hem gebeurd? Je zou je de meest verschrikkelijke dingen in je hoofd kunnen halen. Ze zullen meteen rechtsomkeert zijn gegaan. Het werd: een zoektocht van drie dagen. We lezen dat ze ontzet waren. Dat is nogal een krachtterm voor emoties.
En tot slot zouden ze de ontdekking doen dat ze Jezus in de tempel terugvinden. De eerste woorden die Maria spreken kon waren nog vol van de doorstane angst en klonken verwijtend.
Toen Zijn ouders Hem zagen waren ze ontzet en zijn moeder zei tegen Hem: “Kind, wat heb je ons aangedaan: Je vader en ik hebben met angst in het hart naar Je gezocht”.
En dan zijn antwoord. Dat loog er niet om. Allerminst een spijtbetuiging. Jongens van die leeftijd zijn ‘volwassen’ rond de twaalf of dertien jaar en weten wat ze willen en wie ze zijn:
Waarom hebt u naar Me gezocht? Wist u niet dat Ik in het huis van mijn Vader moest zijn?
Dat raakte Jozef zo diep dat hij er geen woorden voor had.
Maria en Jozef zullen op dat moment zijn antwoord niet in alle diepte hebben kunnen vatten. Jezus hoorde toch bij hen, was aan hun liefdevolle zorgen toevertrouwd.
In stilte moesten ze dit voorval een plek geven en elkaar steunen. Twee gelovige mensen waren het. Reacties van Jozef zijn niet opgetekend in de Bijbel. Hij de, zorgzame vader die zo van hun jongen hield, werd door Jezus op het tweede plan gezet. Maar in de diepte van deze gebeurtenis leerde hij stap voor stap iets te begrijpen van het mysterie dat eigenlijk al speelde vanaf het moment waarop hij merkte dat Maria in verwachting was. Toen was zijn strijd begonnen en heeft hij een dappere daad gesteld door toch met Maria door te gaan. Hij heeft destijds dit onbegrijpelijk grote geheim geaccepteerd en er met mannenmoed ja op gezegd. Hij geloofde. Nu, ongeveer twaalf jaar later, komt die pijn weer in alle hevigheid terug.
Maria en Jozef hebben al die tijd veel liefde aan Jezus gegeven. Ze hielden zoveel van hem. Misschien is het de eerste keer sinds die tijd dat ze zo geschrokken zijn van de roeping van ‘hun’ kind. Jezus heeft een andere Vader die boven Jozef staat. Jezus heeft een taak die vanaf nu duidelijker gaat worden. Deze geliefde zoon van de Vader, ja ook van Jozef, gaat nu zijn eigen weg. Hij volgt het pad dat zijn Vader Hem zal wijzen.
Maria en Jozef hoeven niets anders te doen dan toe te laten dat Jezus zijn roeping gaat volgen, wat die roeping ook in zou houden. In hun diepste innerlijk moeten Maria en Jozef deze consequentie geweten hebben, want ook de oorsprong van Jezus was al zo anders verlopen dan normaal.
Wat een pijn, maar ook wat een kracht moet en er in Maria en Jozef geleefd hebben om voor de tweede keer mee te gaan met de bestemming van Jezus.
Waarschijnlijk zijn er onder onze lezers mensen die herkennen hoe het ‘groot worden’ van hun kinderen enerzijds met pijn en onbegrip gepaard is verlopen, toen hun eigen kinderen wegen zochten, zo anders dan de ouders graag gezien zouden hebben. Op een later moment zijn ze misschien juist trots op hun kinderen geworden omdat het goed is gekomen.
In het jodendom worden jongens rond hun dertiende bar mitswa, (zoon van de wet). Dat betekent dat ze volwassen zijn en eigen verantwoordelijkheid mogen dragen.
Voor Jezus was dit in elk geval het moment waarop Hij wist waartoe Hij geroepen was. Het was waarschijnlijk de eerste keer dat Hij mee mocht naar Jeruzalem. Hij was in tel, en mocht meedoen in de tempel, zijn diepste thuis! Hij gedroeg zich als een volwassene in het geloof. Het was geen opstandigheid, dat Hij met overtuiging aan Maria en Jozef bovenstaand antwoord gaf, want bij de terugreis staat er: en was hun gehoorzaam. Het woord gehoorzaam valt misschien in onze oren te braaf, maar is niet negatief bedoeld. Religieus gezien was Hij volwassen, maar het bleef een jongen die zijn ouders nog lang nodig zou hebben.
Laten we bidden
Goede God,
uw wegen met mensen zijn wonderbaar.
Heel bijzonder de weg
die U met uw eigen Zoon gegaan bent.
Zelfs Maria en Jozef begrepen het niet meteen.
Hun levens waren getekend met vreugde, verdriet,
maar ook met kracht.
Vandaag op de dag die aan Jozef is toebedacht,
zien we hem als een krachtig figuur
die meegegaan is
met de essentie van de roeping van Jezus,
hoe zwaar het ook voor hem was.
Geef ons ook de kracht
om de ontwikkelingen van onze kinderen
met openheid te volgen.
Zegen en behoedt hen op al hun wegen,
door Jezus, uw Zoon.
Amen
Beste mensen, laten we er vandaag een feestdag van maken van Sint-Jozef, die weleens wat meer aandacht mag hebben. Hij leefde altijd in de schaduw van Maria.
Ricky
Om mee op op weg te gaan
Wat raakt je in het verhaal van Jozef en Maria?
Het is een verhaal van alle tijden. Datgene wat je raakt heeft altijd te maken met je eigen geschiedenis. Misschien zijn er nog pijnpunten aanwezig die nog niet genezen zijn en spelen de littekens nog een rol. Kun je ermee omgaan?
Bij onverwachte gebeurtenissen of vragen merk ik bij mezelf als eerste reactie heel vaak een "nee" net zoals Jozef eerst nee zegt als hij als echtgenoot aangeduid wordt, weeral nee als hij weigert om met zijn zwangere verloofde te huwen. Dit spontane en diepgewortelde nee ombuigen naar een positieve ja, een inzet die mij uit mijn comfortzone haalt, dat is stellig iets wat ik bij Jozef kan leren. Gehoorzamen klinkt wat ouderwets, maar het is voor mij gehoor geven aan de vraag of nood van iemand uit mijn onmiddellijke omgeving, steeds weer dezelfde snaar bespelen van het oefenen in liefdevolle aanwezigheid zowel bij de Heer als bij de mensen rond mij. Sint Jozef, dank om mij en ons te brengen in die heilige gehoorzame levenshouding die bij jou ook zodanig gegroeid is dat ze vanzelfsprekend werd.
BeantwoordenVerwijderenAan Jozef
BeantwoordenVerwijderenZij sprak jou bij je voornaam aan
zo zonder titel of devotie.
Je stond daar immers alle dagen
in je nisje op de schouw
en wachtte, op wat zij jou vragen zou.
“Ja toch zeker, Jozef!” zei ze dan,
waarbij zij schuins over haar schouder
naar de plek keek waar jij stond.
Jij knikte dan instemmend altijd,
steeds bereid, zo zij dat wou,
om te beamen wat zij vond.
Jij trouwe man, jij wachtende;
de vader die zij liefhad in haar man;
de vader die zij ooit, een meisje nog,
verliezen moest; jij wist ervan.
Ik weet dat toen zij oma werd
zij mij, haar kleinkind, innig liefhad.
Haar dood sloot laat mijn kindheid af,
jouw beeltenis is wat ze meegaf.
Je staat ook nu weer in een nis,
en als ik mijn gebeden aanhef
dan voelt het soms of zij er is
en vraag ik ‘ja toch zeker, Jozef’?
s r
Wat lief, wat teder.
Verwijderen