maandag in de Goede Week
Het geknakte riet zal hij niet breken
Tekst overweging: Ricky Rieter
Beste vrienden, we staan aan het begin van de ‘Goede Week’. Deze is gestart met enerzijds een uitbundige intocht in Jeruzalem, die overgaat in een ernstiger sfeer. Wat maakt de week ‘goed’ en wat maakt dezelfde week tragisch? We kennen het lijdensverhaal en weten waarschijnlijk ook hoe die week uitloopt op Pasen, de overwinning op de dood, maar er gaan veel pijnen en misverstanden aan vooraf.
In de liturgie lopen we vandaag in de lezing van Jesaja al een beetje vooruit op woorden waar we blij van worden. Ik zie het als een ‘troost’ vooraf, zo ongeveer als de verheerlijking op de berg toen Jezus daar in lichtende gedaante verscheen, kort voor de kruisweg die Hij nog te gaan had.
Het gedeelte uit het boek Jesaja is genomen uit het tweede deel van zijn teksten (Deuterojesaja). Het is veel later geschreven door een leerling (tussen 580 en 530 voor Christus), in de tijd van de Babylonische gevangenschap waarvan het einde aangekondigd werd.
Door maar een klein deeltje uit de tekst te lezen, worden we soms op een verkeerd been gezet, maar wat er staat is zo prachtig en indrukwekkend dat je er hoop uit kunt putten.
Het is alsof de schrijver in de toekomst ziet dat er iemand zal komen die als bevrijder en verlosser tussen mensen zal staan, zoals Jezus dat vele jaren later deed. Hij is de altijd Komende.
Elk zinnetje uit de tekst van vandaag is een meditatie waard. Ik kies er een selectie uit:
Hier is mijn dienaar, hem zal Ik steunen,
hij is mijn uitverkorene, in hem vind ik vreugde,
Ik heb hem met mijn geest vervuld.
Hij zal alle volken het recht doen kennen.
Hij schreeuwt niet en hij verheft zijn stem niet,
hij roept niet luidkeels in het openbaar;
het geknakte riet breekt hij niet af,
de kwijnende vlam zal hij niet doven (Jes. 42, 1-3).
Het is een visioen van de schrijver die ver over de tijdsbrug heen misschien al verwijst naar Jezus van Nazareth. Wat een troostende woorden in een tijd waarin het volk op weg was naar bevrijding en verlossing. Ook nu, in 2026, leven we in een dergelijke tijd.
Ik vraag me af of in elke tijd van gebrokenheid, bedrog, lijden en schendingen van de meest fundamentele mensenrechten er personen zullen opstaan als tegenbeeld van al die ellende. Wij worden opgeroepen om ook vandaag die mensen te zijn die genezend willen werken aan bevrijding. Daarom staan er in de verschrikkingen die we lezen, zowel in de Bijbel als in de kranten, toch op veel plaatsen bemoedigende woorden tussen. In elke benauwende periode luidt de opdracht om gezonde tegengeluiden te geven en ze naar buiten te brengen, niet met geweld maar met zachtheid, die beter werkt dan opstandigheid en wapengeweld.
De uitverkorene waar Jesaja op doelt, is geen machtsfiguur, maar een dienaar, die van Gods geest vervuld is. In zich mogen we allemaal dienende mensen zijn, zoals Jezus gekomen is om te dienen. Ik citeer een zin van Benoît Standaert, benedictijn:
De Dienaar blijkt een centrale figuur te zijn in de Bijbelse en christelijke visie op gemeenschap. Hoezeer hij ook wordt misprezen, naar de rand wordt geduwd, wordt bespot of als veroordeelde wordt beschouwd, hij trekt geheimzinnig het hele lichaam mee naar een punt van heerlijk licht. ‘Waar ik ben, daar zal ook mijn dienaar zijn.’
Onlangs spraken we over het zachte meebuigende riet, ten opzichte van de sterke en toch kwetsbare bomen. Maar zelfs dat meebuigende riet kan ook knakken, lezen we bij Jesaja. Is het riet daardoor waardeloos geworden? Nee, want Hij die komende is, zal zelfs geknakt riet niet afbreken en een kwijnende vlam zal hij niet doven.
In het evangelie treffen we Jezus aan die naar Maria, Marta en Lazarus komt. Lazarus die uit de dood is opgewekt, maar ook Judas Iskariot is aanwezig. Leven en dood in eenzelfde verhaal. Zo zitten onze levens ook nu vol mogelijkheden om zowel dienend en verzorgend de ander te eren, terwijl we tegelijkertijd omringd worden door mogelijkheden om voor het kwade te kiezen. Waakzaamheid is geboden en keuzevrijheid omwille van het Leven. Daar gaan we deze week mee in.
Laten we bidden met woorden uit psalm 27:
De Heer is mijn licht en behoud,
wie zou ik vrezen?
Bij de Heer is mijn leven veilig,
voor wie zou ik bang zijn?
Mag ik niet verwachten
de goedheid van de Heer te zien
in het land van de levenden?
Wacht op de Heer,
wees dapper en vastberaden,
ja, wacht op de Heer.
Heer Jezus,
wij trekken deze week met U mee,
in grote stilte, buigend en biddend nabij in uw lijden
en in het lijden van de wereld
dat in het uwe is opgenomen.
Wij willen dit doen met eerbied en aandacht
en met grote liefde,
samen met U en door U.
Amen
Beste vrienden, vind een vorm van nabijheid, elke dag van deze week. Besef dat het een wederzijdse nabijheid is, van Hem naar jou en van jou naar Hem. Zo wordt deze kwetsbare week een Goede Week waarin we de hele mensheid betrekken, tot eer van de Ene.
Ricky
Om onderweg mee te nemen
Er zijn vele mogelijkheden die waarschijnlijk voor iedereen weer een andere keuze oproepen. Kijk wat bij jou past. Als het je gelegen komt, probeer dan Witte Donderdag of Goede Vrijdag ergens samen met anderen te vieren, en laat de zaterdag meer zijn dan de huiselijke beslommeringen. Maak er in elk geval ook een ‘stille’ dag van zodat het inhoudelijk ook Pasen kan worden. Stille zaterdag vormt als het ware een brug die je in stilte bewandelt.
Eventueel kun je elke dag van deze week iets opschrijven in een klein boekje of schriftje, met een gedachte, een simpel gedicht of een mijmering die je niet verloren wilt laten gaan als je ‘gewone leven’ weer verdergaat. Het boekje kan een ‘groeiende schat’ worden die je leven kan verrijken. Af en toe kun je er een tekst in schrijven, iets wat je ergens leest en wat je geraakt heeft. Terugbladerend in het boekje of schriftje zul je verwonderd zijn over wat je geschreven hebt. Of je vindt er een stimulans in om dieper in te gaan op iets wat je eerder zo geraakt heeft, want niets blijft altijd hetzelfde. Je mag steeds doorgroeien, je leven lang.
Reacties
Een reactie posten