zondag 5 door het jaar A
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Zout en licht, midden in de wereld
Tekst overweging: Kris
Binnenkort, meer bepaald op woensdag 18 februari, start de veertigdagentijd. Op de vrijdag van die eerste vastenweek klinkt opnieuw dezelfde lezing uit Jesaja die we vandaag horen, wat veelzeggend is voor het begin van de vastentijd.
Vasten - zo lezen we vandaag al - is je brood delen met de hongerige, onderdak bieden aan armen zonder huis, naakten kleden, kortom je bekommeren om je medemens. Het is ook het juk van de onderdrukking uitbannen en de verdrukte gul onthalen. Daarnaast spreekt Jesaja over iets wat minder zichtbaar is: het bannen van kwaadsprekerij en de neiging om voortdurend een beschuldigende vinger op te steken. Ware vroomheid raakt niet alleen onze daden, maar ook onze woorden en onze houding tegenover elkaar.
Natuurlijk kan en mag aan dit alles een uiterlijke vorm van vasten voorafgaan, al is 'voorafgaan' hier misschien geen juist woord. Het zou één gebeuren moeten zijn. Het gaat om een uiterlijke vorm van vasten die van binnenuit vormt en het hart opent voor zorg om het welzijn van de naaste. Innerlijke vroomheid en concrete naastenliefde horen bij elkaar en mogen niet van elkaar losgeweekt worden.
Wie vast zonder liefdadigheid, mist het doel. Wie zich inzet voor anderen zonder innerlijke vroomheid, raakt los van de bron. Daarom is het belangrijk beide samen te houden, in een eenheid die niet te scheiden valt. Dat spanningsveld duikt in alle tijden op. We herkennen het vandaag, in de Kerk, en wellicht ook in ons eigen leven. En in de tijd van Jesaja was het niet anders.
Jesaja spreekt in Gods naam tot een gemeenschap die religieuze praktijken ernstig nam, maar waarin weinig ruimte was voor armen en kwetsbaren. We kunnen ons de vraag stellen wat God heeft aan offers en vasten wanneer gerechtigheid ontbreekt. Jesaja maakt duidelijk dat God geen vasten wil dat losstaat van solidariteit. Brood delen, onderdak bieden, kleden en zorg dragen voor de medemens: dat is het vasten dat God verkiest, zo stelt hij in geen mis te verstane woorden. Reeds in het eerste hoofdstuk van Jesaja klinkt diezelfde toon: “Wat moet Ik met al jullie offers? – zegt de Heer. Breek met het kwaad en leer goed te doen. Zoek het recht, houd tirannen in toom, kom op voor wezen, sta weduwen bij.” (Jes 1, 11-17). Klare taal.
Opmerkelijk is hoe Jesaja dit verbindt met eigen herstel. “Dan zal je licht doorbreken als een dageraad en wordt je duisternis als het licht van het middaguur.” Door een levenswijze waarin vroomheid en praktijk samenkomen, wordt een mens zelf geheeld. Groei en genezing voltrekken zich terwijl men bidt en van daaruit handelt. We moeten dus niet op een bidstoeltje gaan zitten tot alles innerlijk helder wordt. Natuurlijk is het goed en nodig om met regelmaat in stilte voor God te vertoeven, maar tegelijk mogen we op weg gaan en liefhebben. Daar, onderweg, voltrekt zich genezing. Aldus Jesaja.
In het evangelie legt Jezus een groot vertrouwen in zijn leerlingen - en daarmee ook in ieder van ons. Hij zegt niet dat zij, en met hen ook wij, ooit zout voor de aarde en licht voor de wereld zullen worden. Hij zegt: jullie zijn het zout van de aarde, jullie zijn het licht voor de wereld. Alles wat nodig is, is al gegeven en draag je in je. Ook hier klinkt dezelfde uitnodiging: niet uitstellen, maar doen of zijn wat je reeds in je draagt.
En er is werk genoeg. Kijk gewoon rond. Zoals paus Franciscus het eens verwoordde: onze wereld lijkt op een veldhospitaal. Hij gebruikte deze metafoor om duidelijk te maken waar de plaats van de Kerk vandaag moet zijn. Hij sprak over een wereld die gewond is, over mensen die geraakt zijn door lijden, armoede en geweld. Hij plaatste dat beeld bewust tegenover een Kerk die zich vaak te veel bezighoudt met interne regels, structuren of abstracte leerstellingen, terwijl ondertussen mensen aan de rand gewond blijven liggen. En hij had gelijk: een Kerk die alleen maar spreekt over normen en mystiek, zonder nabij te zijn, mist haar zending.
Beste mensen, daar wij dragers zijn van het licht van de Heer, zijn wij ook geroepen dit licht uit te dragen. Daar wij het zout in ons dragen dat ons eigen leven smaak geeft, laten we dit zout niet voor onszelf houden, maar de wereld de goede smaak van de liefde geven. Ja, laten we Kerk zijn in haar diepste bedoeling.
Laten we bidden
God van licht,
vorm ons hart in het gebed
en leid onze stappen naar de ander.
Laat ons leven spreken van uw liefde.
Door Christus, onze Broeder en Heer.
Amen.
Geliefde mensen, leef vanuit wie je ten diepste bent.
Een gezegende zondag,
kris
Om mee op weg te gaan
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Fijne zondag, een meer empatisch wereld begint bij onszelve......zucht en door te zetten, niet ontmoedigd geraken.
BeantwoordenVerwijderen