zondag 6 door het jaar A

Kiezen in het licht van Christus

Tekst overweging: Kris

De lezingen van deze zondag leggen een sterke nadruk op onze verantwoordelijkheid. We zeiden het hier in ‘Van Woord naar leven’ eerder deze week al: wij zijn mensen met een geschiedenis. De cultuur waarin wij geboren zijn, onze opvoeding, ons verleden, onze omgeving, zelfs onze fysieke genen bepalen voor een groot stuk wie wij vandaag zijn. Dat alles werkt in ons door. Het tekent onze gevoeligheden, onze grenzen, onze mogelijkheden. En toch neemt dit alles onze persoonlijke verantwoordelijkheid niet weg. Wat wij vandaag doen, de keuzes die wij vandaag maken, de woorden die wij vandaag spreken, de handelingen die wij vandaag stellen: zij behoren ons toe. Daarin staan wij zelf voor God.

De eerste lezing uit Jezus Sirach is daarin bijzonder duidelijk: “Als je het wilt kun je de geboden naleven.” En nog sterker: “Vóór de mens liggen het leven en de dood, hij krijgt waar hij voor kiest.” God heeft ons “vuur en water voorgezet”. De Schrift spreekt hier over onze vrijheid als een gave én als een opdracht. Wij staan telkens opnieuw voor de keuze: uit welke bron wil ik leven? Wat, of Wie, laat ik richting geven aan mijn bestaan?

Het evangelie van vandaag concretiseert dit in geen mis te verstane woorden. Het is een lang evangelie vol voorbeelden waarin Jezus ons voor de keuze plaatst.
“Iedereen die in woede tegen zijn broeder of zuster tekeergaat…” Daar begint het al.
“Wanneer je je gave naar het altaar brengt en je je daar te binnen schiet dat je broeder of zuster jou iets verwijt, ga je eerst verzoenen.” Hij vraagt dat wij een geschil bijleggen terwijl wij nog onderweg zijn.
“Iedereen die naar een vrouw kijkt en haar begeert…” Ook daar wordt gekozen. Jezus bevraagt hier onze blik zelf: zien wij de ander als persoon, als medemens met een eigen waardigheid, of reduceren wij haar tot voorwerp van ons verlangen? Hij raakt aan de zuiverheid van het hart en aan de eerbied waarmee wij elkaar tegemoet treden. Hij spreekt over trouw in onze relaties en over de wijze waarop wij naar elkaar zien.
“Laat jullie ja ja zijn en jullie nee nee.” Jezus brengt ons bij het innerlijk vertrekpunt van ons spreken en ons kijken. Hij vraagt een gerechtigheid die verder reikt dan het uiterlijk gebod en legt de verantwoordelijkheid bij ons: wie willen wij zijn, hoe willen wij leven, waarvoor staan wij?

Tegelijk is het niet de bedoeling dat wij vanuit ons eigen kleine persoontje, los van God en gebod, keuzes zouden maken. Hij die zegt dat Hij de vervulling van de Wet is - zoals we vandaag lezen -, is de sleutel van onze keuzes. Hij is het levend hart ervan. Waar de Wet vroeger in stenen tafelen stond gebeiteld, is de genade om die Wet te belichamen geschonken in de persoon van Jezus Christus. In zijn menswording is God in Jezus tot ons gekomen en wil Hij in ons wonen. Gods inwoning in Jezus Christus is niet enkel een vrome gedachte, maar een werkelijkheid die ons bestaan draagt.

Omdat wij door Hem bewoond worden, hoeven wij zijn genade niet ergens ver weg te zoeken. Zij is in ons hart gelegd, zoals de Heer ooit werd neergelegd in de kribbe van Bethlehem. Wat van ons gevraagd wordt, is ons aan Hem te geven, ons toe te vertrouwen aan zijn genade die in ons werkzaam is. Dat is de eerste verantwoordelijkheid die wij als christenen dragen: ons hart openen voor de Heer die in ons leeft.

Vanuit die overgave leren wij leven in Hem. Dan krijgen onze keuzes hun richting in verbondenheid met Hem. Dan groeit ons spreken uit vertrouwen op Hem. Dan krijgt onze omgang met mensen de kleur van zijn aanwezigheid in ons. Wij dragen de verantwoordelijkheid voor onze daden en woorden en zijn tegelijk, en daaraan zelfs voorafgaand, geroepen dit te doen vanuit Gods inwoning in Jezus Christus.

Tegelijk vormt Hij ons tot gemeenschap, waarvan Hij het levend hart is: de Kerk. Als gemeenschap zijn wij geroepen om in Christus Gods liefde te belichamen. De Kerk leeft in voortdurende ontvangenis van het Woord, van de sacramenten, van de genade om lief te hebben. Daaruit mogen wij putten in ons concreet dagelijks leven. Laten wij deze geschenken dan ook met liefde ontvangen en koesteren, ze ter harte nemen en ze kiezen als leidraad om ons persoonlijk leven gestalte te geven.

Wie zo leeft, leeft niet volgens de wijsheid van deze wereld met haar machthebbers, zoals wij vandaag in de tweede lezing horen. Paulus spreekt over een andere wijsheid, een verborgen wijsheid die God door de Geest openbaart. Die wijsheid is geen menselijke slimheid of strategie, maar Gods heilsplan dat zich heeft geopenbaard in de gekruisigde en verrezen Christus. Wat voor de wereld zwakheid leek, bleek de plaats te zijn waar Gods liefde zich ten volle toonde. Het is de wijsheid van het kruis, waarin macht wordt omgevormd tot zelfgave en liefde sterker blijkt dan geweld.

Het gaat om ons toevertrouwen aan Gods vuur, de Geest, die in ons werkt en ons binnenleidt in de diepten van God. Daar wordt ons bestaan opgenomen in het leven van de Heer. Zo leren wij kijken met de blik van Christus zelf en onze verantwoordelijkheid dragen in zijn licht.

Laten we bidden

Heer,
geef dat wij onze vrijheid niet misbruiken,
maar haar beleven in uw licht.
Zuiver onze blik,
matig onze woorden,
richt ons verlangen.
Laat uw Geest in ons branden
als een goddelijk vuur
dat ons hart naar U toe buigt.
Maak ons tot mensen die kiezen
voor het leven dat U ons toevertrouwt.
Omwille van de wereld
waarin U ons zendt.
In uw naam.
Amen.

Geliefde mensen, mogen wij onze verantwoordelijkheid opnemen in Gods nabijheid.
Genegen, kris


Om mee op weg te gaan

Kniel voor de Gekruisigde. En kijk naar zijn liefde voor jou. Kijk naar zijn zelfgave, het opnemen van jouw onvermogen, het dragen van jouw nee-woorden. Kijk naar Hem in het licht van zijn opstanding. Laat je omhelzen door zijn genade. Drink van Hem. Verinnig je met Hem. En leef. Kies, vanuit Hem. Wees de schoonheid die Hijzelf is.
Laten we dit samen doen, als Kerk, als broers en zussen rond Hem verzameld, tot getuigenis voor de wereld.

Reacties